ECLI:NL:GHSGR:2008:BD0498
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- Dusamos
- Van der Burght
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wijziging kinderalimentatie wegens onvoldoende onderbouwing
De vader verzocht om wijziging van de kinderalimentatie die in 2003 was vastgesteld. Hij stelde dat de bijdrage destijds niet aan de wettelijke maatstaven voldeed en dat gewijzigde omstandigheden een aanpassing rechtvaardigden. Het hof oordeelde dat de vader onvoldoende had onderbouwd wat zijn draagkracht was ten tijde van de vaststelling in 2003, omdat hij geen financiële gegevens over die periode had overgelegd. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of de alimentatie destijds niet voldeed aan de wettelijke maatstaven.
Daarnaast ontbraken recente financiële gegevens over de inkomsten en uitgaven van de vader, en was in hoger beroep geen deugdelijke, met bewijsstukken gestaafde draagkrachtberekening overgelegd. Het hof concludeerde dat de door de vader aangevoerde wijzigingen van omstandigheden niet als rechtens relevant konden worden aangemerkt. De moeder had het hoger beroep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam die de bijdrage van de vader op nihil had gesteld.
Tijdens de mondelinge behandeling waren de ouders niet aanwezig, maar hun advocaten voerden het woord. Het hof vernietigde de bestreden beschikking voor zover het de draagkracht van de vader betrof en wees het verzoek van de vader tot wijziging van de kinderalimentatie af. Hiermee bleef de alimentatie ongewijzigd, en werd het verzoek van de vader niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek van de vader tot wijziging van de kinderalimentatie af wegens onvoldoende onderbouwing.