ECLI:NL:GHSGR:2008:BD0691
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- C.G. Beyer-Lazonder
- M.H. van Coeverden
- M.J. van der Ven
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontslag op staande voet wegens niet naleven vakantievoorschriften en loonbetaling
In deze zaak stond het hoger beroep centraal tegen het ontslag op staande voet van een werknemer wegens het niet naleven van schriftelijk overeengekomen voorschriften tijdens haar vakantie in Marokko. De werknemer had toestemming gekregen om vakantie te nemen ondanks gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid, onder strikte voorwaarden waaronder tijdige ziekmelding en opgave van verblijfplaats.
De werknemer was vanaf 11 augustus 2003 ongeoorloofd afwezig zonder tijdige melding of het overleggen van een medische verklaring, ondanks dat zij ziek was geworden. De fax met een medische verklaring die zij beweerde te hebben verzonden, is door de werkgever niet ontvangen en de werknemer kon dit niet overtuigend onderbouwen. Hierdoor oordeelde het hof dat de werknemer de gemaakte afspraken had overtreden.
Het hof stelde vast dat deze overtredingen een dringende reden vormden voor ontslag op staande voet. Ten aanzien van het loon over de periode van ongeoorloofde afwezigheid werd geoordeeld dat de werknemer slechts recht had op loon over het gedeelte van arbeidsongeschiktheid (25%). Daarnaast werden vakantietoeslag, een wettelijke verhoging en wettelijke rente toegekend. De proceskosten in hoger beroep werden aan de werknemer opgelegd.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is rechtsgeldig; werknemer krijgt gedeeltelijk loon en vakantietoeslag toegewezen en wordt veroordeeld in de kosten van hoger beroep.