ECLI:NL:GHSGR:2008:BD2718
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.C. Fasseur-van Santen
- A.D. Kiers-Becking
- T.H. Tanja-van den Broek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing inschrijving woordmerk BETER HOREN wegens gebrek aan onderscheidend vermogen en inburgering
Acousticon heeft het woordmerk BETER HOREN gedeponeerd voor diverse waren- en dienstenklassen, waaronder hoortoestellen en audiologische diensten. Het Benelux-Bureau voor de intellectuele eigendom weigerde de inschrijving omdat het merk geen onderscheidend vermogen bezit en beschrijvend is voor de betrokken waren en diensten.
Acousticon voerde aan dat het merk onderscheidend vermogen heeft omdat het beschrijvend is voor het gevolg van de diensten (beter horen) en dat het merk door langdurig gebruik sinds 1934 in Nederland ingeburgerd zou zijn. Het Bureau handhaafde de weigering en stelde dat het gebruik beperkt was tot Nederland en niet in de gehele Benelux, waardoor geen inburgering kon worden aangenomen.
Het hof oordeelde dat het teken BETER HOREN volledig beschrijvend is voor de waren en diensten en dat de combinatie van de woorden geen merkbaar verschil maakt. Daarnaast is onvoldoende gebleken dat het merk door gebruik in Nederland onderscheidend vermogen heeft verkregen in het gehele Nederlandstalige gedeelte van de Benelux. Het gebruik als handelsnaam en de beperkte geografische reikwijdte van het gebruik leiden tot afwijzing van het verzoek tot inschrijving.
Acousticon werd veroordeeld in de proceskosten van €1.356,-. Het verzoek tot inschrijving van het woordmerk werd afgewezen.
Uitkomst: Verzoek tot inschrijving van het woordmerk BETER HOREN wordt afgewezen wegens gebrek aan onderscheidend vermogen en onvoldoende inburgering.