ECLI:NL:GHSGR:2008:BD6955
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van den Wildenberg
- Fockema Andreae-Hartsuiker
- Hulsebosch
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek bewindvoerder voor jaarlijkse zakaatuitdeling aan familie in Marokko
De bewindvoerster verzocht de kantonrechter om toestemming om jaarlijks 2,5% van het vermogen van de onder bewindgestelde, de rechthebbende, te mogen verdelen over familieleden in Marokko als zakaat. Dit verzoek werd afgewezen. In hoger beroep klaagde de bewindvoerster over het ontbreken van een hoorzitting, onvoldoende motivering van de kantonrechter, onjuiste interpretatie van de schenkingstraditie en het niet in acht nemen van de bijzondere omstandigheden van de zaak.
De bewindvoerster stelde dat de rechthebbende sinds het verkrijgen van een vermogen zakaatplichtig is en dat het verzoek een unieke situatie betreft vanwege de islamitische context. Ter zitting werd toegelicht dat de rechthebbende door een ernstig ongeval in 1994 gedeeltelijk invalide is geraakt en sindsdien niet kan vasten, hetgeen wordt gecompenseerd door het sturen van geld naar behoeftigen in Marokko.
Het hof overwoog dat de bewindvoerster niet had aangetoond dat er sprake was van een schenkingstraditie en dat het sturen van geld tijdens de ramadan het afkopen van de vastenplicht betrof, niet de zakaat. Ook ontbraken bijzondere omstandigheden die een afwijking van het uitgangspunt rechtvaardigen. Gezien mogelijke toekomstige medische kosten achtte het hof het niet passend om het verzoek toe te wijzen en bekrachtigde het de bestreden beschikking.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek om jaarlijks 2,5% van het vermogen als zakaat aan familie in Marokko te verdelen.