ECLI:NL:GHSGR:2008:BD9025
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Mink
- Fockema Andreae-Hartsuiker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot gezamenlijk ouderlijk gezag na echtscheiding
In deze zaak verzoekt de vader het gerechtshof om het eenhoofdig ouderlijk gezag van de moeder over hun minderjarige kind te wijzigen in gezamenlijk gezag. De vader betoogt dat hij meer zeggenschap en betrokkenheid wil bij de opvoeding en dat gezamenlijk gezag voordelen biedt, zoals het voorkomen van rechterlijke beslissingen bij toekomstige gezagswijzigingen.
De moeder bestrijdt dit verzoek en stelt dat gezamenlijk gezag niet in het belang van het kind is. Zij wijst erop dat de vader in de praktijk onvoldoende betrokken is en zijn eigen belang boven dat van het kind stelt. De moeder benadrukt dat de huidige stabiele verzorgingssituatie niet gebaat is bij een verandering.
Het hof overweegt dat de situatie afwijkt van gevallen waarin gezamenlijk gezag tijdens het huwelijk bestond. Het weegt de potentiële voordelen van gezamenlijk gezag af tegen de mogelijke nadelen en de impact op de verzorgingssituatie. Gezien de stabiele situatie bij de moeder, de gespannen communicatie tussen ouders en het ontbreken van concrete voordelen voor het kind, acht het hof het niet verantwoord om het gezag te wijzigen.
Het hof bekrachtigt daarom de bestreden beschikking en wijst het beroep van de vader af.
Uitkomst: Het verzoek van de vader tot gezamenlijk gezag wordt afgewezen en het eenhoofdig gezag van de moeder blijft gehandhaafd.