ECLI:NL:GHSGR:2008:BD9521
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Mink
- van den Wildenberg
- Hulsebosch
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek omgang biologische vader wegens ontbreken nauwe persoonlijke betrekking
De man is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank die hem niet-ontvankelijk verklaarde in zijn verzoek tot vaststelling van een omgangsregeling met zijn minderjarige kind, geboren in 2005. De vrouw, die het ouderlijk gezag heeft, betwistte het bestaan van een nauwe persoonlijke betrekking tussen de man en het kind.
Het hof heeft vastgesteld dat de man en vrouw een korte affectieve relatie hadden waaruit het kind is geboren, maar dat er tijdens de zwangerschap geen contact was en na de geboorte slechts twee incidentele contacten plaatsvonden. De man heeft onvoldoende bijkomende omstandigheden gesteld die een nauwe persoonlijke betrekking of family life in de zin van artikel 8 EVRM Pro aantonen.
De vrouw stelde dat zij de omgang niet frustreerde en dat het belang van het kind niet gediend is met omgang vanwege mogelijke risico's zoals ontvoering en haar eigen zwakke gezondheid. Het hof oordeelde dat het verzoek niet ontvankelijk is omdat de man niet voldoet aan de vereisten van nauwe persoonlijke betrekking en family life.
Het hof zag geen aanleiding om een onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming te gelasten en bekrachtigde de bestreden beschikking van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof verklaart de man niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot vaststelling van een omgangsregeling en bekrachtigt de bestreden beschikking.