ECLI:NL:GHSGR:2009:BI1922
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- P.J.J. Vonk
- J.J.J. Engel
- S.A.W.J. Strik
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake afwaardering lening aan directeur-grootaandeelhouder in vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had een voorziening gevormd voor een lening en rekening-courantvordering op haar directeur-grootaandeelhouder (dga) in de jaren 2001 tot en met 2003, waardoor zij de vordering per saldo afwaardeerde met €289.000. De Inspecteur stelde dat deze voorziening onterecht was omdat de vordering niet oninbaar was en de waarde niet lager dan de nominale waarde.
In hoger beroep heeft het gerechtshof vastgesteld dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat de vermogenspositie van de dga zodanig was dat afwaardering gerechtvaardigd was. Hoewel het vermogen van de dga was gedaald, vertoonde het daarna een herstel en was er voldoende liquiditeit om aflossingen te verrichten. Ook het beroep op het gelijkheids- en vertrouwensbeginsel werd verworpen.
Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat de voorziening ultimo 2003 niet had mogen worden gevormd en daarom aan de winst moet worden toegevoegd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de voorziening moet aan de winst worden toegevoegd.