ECLI:NL:GHSGR:2009:BI4271
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M. Mos-Verstraten
- E. Dusamos
- J. Van der Burght
- Rechtspraak.nl
Vaststelling kinderalimentatie na emigratie van kinderen naar het buitenland
In deze zaak stond de vaststelling van de kinderalimentatie centraal nadat de moeder met de kinderen naar het buitenland was geëmigreerd. De moeder was in hoger beroep gekomen tegen een eerdere beschikking van de rechtbank waarin de vader een bijdrage van €27 per maand per kind moest betalen. De vader stelde in incidenteel appel dat de bijdrage moest worden aangepast vanwege de emigratie en de gewijzigde kosten en draagkracht.
Het hof nam de door de rechtbank vastgestelde feiten over, waaronder de emigratie van de kinderen naar het buitenland. De moeder betwistte de draagkrachtberekening van de vader en stelde dat de behoefte van de kinderen €700 bedroeg, terwijl de vader een lagere bijdrage van €100 vorderde vanwege de lagere levensstandaard in het buitenland en hogere omgangskosten.
Het hof oordeelde dat Nederlands recht van toepassing bleef en dat de behoefte van de kinderen moest worden vastgesteld op basis van feitelijke kosten, niet op Tremanormen. Gezien de beschikbare gegevens stelde het hof de behoefte vast op €200 per maand. De moeder werd geacht voor de helft bij te dragen. De draagkracht van de vader werd vastgesteld op basis van zijn werkelijke woonlasten en omgangskosten. Uiteindelijk werd de bijdrage van de vader vastgesteld op €150 per kind per maand tot emigratie en €25 per kind per maand daarna.
De bestreden beschikking werd vernietigd en opnieuw vastgesteld met deze aangepaste bedragen. Het hof wees verdere verzoeken af en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De bijdrage van de vader in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen is aangepast naar €150 per maand per kind tot emigratie en €25 per maand per kind daarna.