ECLI:NL:GHSGR:2009:BI7395
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. Borgesius
- R.C. Langeler
- G.J. Fleers
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens bezit van huiden beschermde diersoorten in strijd met Flora- en faunawet
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld wegens het bezit van huiden van beschermde diersoorten, te weten waterhoenen en gaaien, in strijd met de Flora- en faunawet. In hoger beroep voerde de verdediging onder meer aan dat de binnentreding onrechtmatig was en dat de huiden legaal verkregen zouden zijn binnen de EG, wat het verbod zou uitsluiten.
Het hof oordeelde dat de doorzoeking rechtmatig was omdat deze met toestemming van de bewoonster plaatsvond. Het bewijs, waaronder het proces-verbaal, was voldoende om het bezit van de huiden wettig en overtuigend vast te stellen. De verdediging slaagde er niet in aannemelijk te maken dat de huiden legaal waren verkregen of dat de verdachte geen opzet had.
Het hof veroordeelde de verdachte tot een voorwaardelijke geldboete van 1000 euro met een proeftijd van twee jaar, rekening houdend met de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en het hof sprak verdachte vrij van hetgeen meer of anders was tenlastegelegd.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van 1000 euro met een proeftijd van twee jaar wegens bezit van huiden van beschermde diersoorten.