ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ4717
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Stille
- Husson
- Bos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgangsregeling grootmoeder met minderjarige kleinkinderen
De grootmoeder verzocht om een omgangsregeling met haar kleinkinderen, waarbij het hof moest beoordelen of zij een nauwe persoonlijke betrekking met hen had. De wet vereist dat alleen personen met een nauwe persoonlijke band recht op omgang hebben. Het hof stelde vast dat de grootmoeder een betekenisvolle relatie had met twee van de minderjarigen, die zij regelmatig zag en waarbij zij een grote rol speelde in de buitenschoolse opvang. De moeder betwistte dit en stelde dat de oppastaken niet structureel waren en betaald werden, maar het hof achtte dit niet relevant voor het bestaan van een nauwe persoonlijke betrekking.
De oudste minderjarige, die twaalf jaar of ouder is, had ernstige bezwaren tegen omgang met de grootmoeder geuit, waardoor omgang met haar werd ontzegd. Voor het derde kleinkind was er geen nauwe persoonlijke betrekking, omdat er nauwelijks contact was geweest sinds de geboorte. De omgang met dit kind werd daarom afgewezen. Voor het tweede kleinkind werd omgang eveneens afgewezen vanwege het risico op ernstige onrust en nadelige gevolgen voor de geestelijke gezondheid.
Het hof vernietigde de eerdere beschikking voor zover die een nauwe persoonlijke betrekking met het derde kind aannam, verklaarde de grootmoeder niet-ontvankelijk voor omgang met dat kind, bekrachtigde de overige beschikkingen en wees het hoger beroep voor zover anders verzocht af.
Uitkomst: Het hof verklaart de grootmoeder niet-ontvankelijk voor omgang met het jongste kind en wijst het verzoek tot omgang met de andere kinderen af vanwege bezwaren en belangen van de kinderen.