ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ4883
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.H. van Coeverden
- M.C.M. van Dijk
- V. Disselkoen
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens vermeende diefstal en verduistering niet rechtsgeldig
In deze civiele zaak gaat het om het hoger beroep tegen het ontslag op staande voet van appellant door geïntimeerde wegens vermeende diefstal en verduistering in de dienstbetrekking.
Het hof heeft uitgebreid bewijs, waaronder getuigenverklaringen, een onderzoeksrapport en camerabeelden, beoordeeld. Ondanks de aanwijzingen voor een mogelijk zwart circuit en onregelmatigheden, is het hof van oordeel dat geïntimeerde niet voldoende concreet heeft bewezen dat appellant daadwerkelijk gelden heeft achtergehouden of verduisterd.
Het ontbreken van duidelijke camerabeelden van stortingen in de kluis en het niet concreet specificeren van bedragen of onregelmatigheden leidt tot het oordeel dat het ontslag op staande voet niet standhoudt. Het ontslag wordt daarom vernietigd en verklaard nietig.
Het hof wijst appellant salaris toe over de periode na het ontslag, met een matiging tot vijf maanden vanwege onvoldoende onderbouwing van sollicitatie-inspanningen. Tevens worden wettelijke rente en een gematigde wettelijke verhoging toegekend. De proceskosten worden aan geïntimeerde opgelegd.
Het vonnis van de kantonrechter wordt geheel vernietigd en het arrest formuleert het dictum opnieuw, waarbij het ontslag op staande voet wordt verworpen.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wordt vernietigd en nietig verklaard, met toekenning van salaris en proceskosten aan appellant.