ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ6154
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.W. Savelbergh
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting wegens niet voldoen aan bestelautotarief
Belanghebbende was houder van een Volkswagen Taro die voor de periode van 12 juni 2003 tot en met 11 juni 2005 motorrijtuigenbelasting betaalde tegen het bestelautotarief. Tijdens een controle op 10 juni 2005 stelde de Inspecteur vast dat het voertuig niet voldeed aan de inrichtingseisen voor een bestelauto met dubbele cabine, zoals bepaald in artikel 3 van Pro de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994.
De Inspecteur legde daarom een naheffingsaanslag op voor het verschil tussen het betaalde bestelautotarief en het hogere personenautotarief. Belanghebbende voerde aan dat hij erop vertrouwde dat het bestelautotarief correct was, mede omdat een eerdere aanslag in 1996 dit bevestigde. Het Hof oordeelde echter dat de houder van een motorrijtuig zelf verantwoordelijk is voor het juist vaststellen van de verschuldigde belasting en dat belanghebbende zich na wetswijzigingen had moeten vergewissen van de juiste toepassing van het tarief.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat geen toezegging of bewuste standpuntbepaling van de Inspecteur was gegeven die dit rechtvaardigde. Het Hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting bevestigd.