ECLI:NL:GHSGR:2009:BK9963
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Labohm
- Kamminga
- Breederveld
- Rechtspraak.nl
Beoordeling wijziging kinderalimentatie bij ongewijzigd inkomen vader
De moeder ging in hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank die haar verzoek tot verhoging van de kinderalimentatie had afgewezen. Zij stelde dat de behoefte van de minderjarige was gestegen door een vermeende inkomensstijging van de vader. De vader voerde geen verweer.
Het hof onderzocht de inkomensgegevens en concludeerde dat het inkomen van de vader, die destijds als timmerman werkte en later een WW-uitkering ontving, niet substantieel was gewijzigd. Het bezit van vermogen en een eigen woning door de vader deed hieraan niet af, mede omdat de woning belast was met een hypotheek en er geen bewijs was van andere vermogensbestanddelen.
Het hof oordeelde dat de behoefte van de minderjarige ongewijzigd bleef en dat de alimentatiebijdrage van €75 per maand, zoals eerder vastgesteld, gehandhaafd moest worden. De grieven van de moeder werden verworpen en de bestreden beschikking werd bekrachtigd.
Uitkomst: De alimentatiebijdrage van de vader wordt gehandhaafd op €75 per maand, omdat geen sprake is van een inkomensstijging die de behoefte van het kind verhoogt.