ECLI:NL:GHSGR:2009:BL2767
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrek dieetkosten als buitengewone uitgaven in inkomstenbelasting
Belanghebbende maakte in 2003 ziektekosten, waaronder dieetkosten, die hij wilde aftrekken als buitengewone uitgaven in de inkomstenbelasting. De Inspecteur had een bedrag van €1.063 als aftrekbaar erkend, hoewel aanvankelijk €1.651 was geaccepteerd, wat later als een fout werd beschouwd. Belanghebbende stelde dat een hoger bedrag aftrekbaar was, gebaseerd op een berekening vergelijkbaar met een Moermandieet, of op basis van een dieet voor ondervoeding bij volwassenen.
Het Hof oordeelde dat dieetkosten slechts aftrekbaar zijn als zij voorkomen in de tabel van artikel 37, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling, tenzij sprake is van een Moermandieet, wat hier niet het geval was. Belanghebbende had onvoldoende aangetoond dat hij een vloeibaar energieverrijkt dieet volgde dat voldoet aan de vereisten voor aftrek.
Daarom verwierp het Hof het primaire en subsidiaire standpunt van belanghebbende en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Tevens werd overwogen dat het beroep formeel niet tot baten kon strekken, maar het Hof om proceseconomische redenen het verzoek tot herziening van de tegemoetkoming buitengewone uitgaven ambtshalve beoordeelde.
De proceskosten werden niet aan een partij opgelegd. De uitspraak werd in het openbaar uitgesproken op 4 december 2009.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat dieetkosten alleen aftrekbaar zijn volgens artikel 37 van de Uitvoeringsregeling en wijst het hoger beroep af.