ECLI:NL:GHSGR:2010:BL4886
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A. Dupain
- M.A.F. Tan-de Sonnaville
- J.C.N.B. Kaal
- Rechtspraak.nl
Geen eigendom verkregen door extinctieve verjaring van openbaar groenstrook
Appellant is sinds 1984 eigenaar van een perceel met woning te Rotterdam, grenzend aan een strook openbaar groen eigendom van de gemeente. Hij gebruikte deze strook als tuin en stelde dat zijn rechtsvoorgangers dat ook deden. Vanaf 2001 heeft de gemeente aangegeven dat het gebruik gereguleerd moest worden of gestaakt, waarop appellant zich op extinctieve verjaring beriep om eigendom te verkrijgen.
De kantonrechter wees dit af omdat appellant slechts houder was, niet bezitter. In hoger beroep bevestigt het hof dit oordeel. Het hof stelt dat appellant geen bezit heeft verkregen omdat zijn handelingen niet kenmerkend zijn voor bezit van onbebouwde grond en hij zelf sprak van gedogen, wat duidt op houder zijn. Ook heeft de gemeente niet begrepen haar bezit te hebben verloren.
Een telefonische toezegging van een ambtenaar dat de gemeente zich niet zou verzetten tegen inschrijving van verjaring werd niet als afstand van eigendom gezien. Het hof concludeert dat appellant niet door verjaring eigenaar is geworden en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter. Appellant wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Appellant is niet eigenaar geworden van de strook openbaar groen door extinctieve verjaring; de gemeente blijft eigenaar.