ECLI:NL:GHSGR:2010:BL7316
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- W.M.G. Visser
- Rechtspraak.nl
Bevestiging lagere WOZ-waarde woning na hoger beroep tegen aanslag onroerendezaakbelasting
In deze zaak stond de vaststelling van de WOZ-waarde van een luxe appartement te Delft centraal, waarbij de Inspecteur de waarde had vastgesteld op €218.140 per 1 januari 2005. Belanghebbende betwistte deze waarde en stelde een lagere waarde van €193.541 voor, gebaseerd op de feitelijke aankoopprijs van het appartement in oktober 2006.
De rechtbank oordeelde dat de door de Inspecteur gehanteerde waarde te hoog was, mede omdat de verkoopprijs van €217.000 pas anderhalf jaar na de waardepeildatum marktconform was. Het taxatierapport van de Inspecteur was onvoldoende onderbouwd en niet gebaseerd op vergelijkbare objecten. De rechtbank stelde daarom de waarde vast op €193.541 en verlaagde de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig.
De Inspecteur ging in hoger beroep tegen deze uitspraak, maar het hof bevestigde de beoordeling van de rechtbank. Het hof vond dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat de Inspecteur de waarde niet aannemelijk had gemaakt en dat de door belanghebbende gestelde waarde aannemelijk was. Daarnaast veroordeelde het hof de Inspecteur in de proceskosten en legde een griffierecht op.
De uitspraak onderstreept het belang van een gedegen waardebepaling op basis van marktconforme gegevens en bevestigt dat de rechter zelfstandig de juiste WOZ-waarde kan vaststellen als de Inspecteur dit niet aannemelijk maakt.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de lagere WOZ-waarde van €193.541 en veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten.