ECLI:NL:GHSGR:2010:BM3972
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- D. Jalink
- J.C.F. van Gelder
- M.F.L.M. van der Grinten
- Rechtspraak.nl
Vaststelling wederrechtelijk verkregen voordeel bij hennepkwekerij en oplegging betalingsverplichting
In hoger beroep heeft het gerechtshof 's-Gravenhage het vonnis van de politierechter vernietigd en het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €11.337,86. Dit bedrag betreft de opbrengst van 184 hennepplanten, berekend aan de hand van standaardnormen en een rapport van een deskundige.
De veroordeelde was eerder veroordeeld voor medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het verbod op hennepkweek, waarbij een taakstraf werd opgelegd. De verdediging voerde aan dat de veroordeelde geen voordeel had genoten omdat de opbrengst naar derden was gegaan en dat hij niet over voldoende draagkracht beschikte om de betalingsverplichting te voldoen.
Het hof verwierp deze verweren wegens gebrek aan bewijs van voordeel voor derden en onvoldoende aannemelijkheid van ontoereikende draagkracht. Ook werd geoordeeld dat elektriciteitskosten niet in mindering konden worden gebracht omdat deze niet daadwerkelijk waren betaald. Het hof legde daarom de verplichting op tot betaling van het vastgestelde bedrag aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Het arrest werd gewezen door drie rechters, waarbij één rechter niet in staat was het arrest te ondertekenen. De zaak betreft een ontnemingszaak in het kader van een strafzaak over hennepkweek.
Uitkomst: Het hof legt de veroordeelde de verplichting op tot betaling van €11.337,86 aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.