ECLI:NL:GHSGR:2010:BM5021
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Mos-Verstraten
- Van Dijk
- Mink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging eenhoofdig ouderlijk gezag moeder na ongeoorloofde overbrenging minderjarige
Deze zaak betreft een geschil over het ouderlijk gezag van een minderjarige die na een verblijf van bijna twee jaar bij de vader in Groot-Brittannië sinds maart 2008 feitelijk bij de moeder in Nederland verblijft. De vader was aanvankelijk belast met het eenhoofdig gezag, maar de moeder verzocht om wijziging van het gezag.
De vader betoogde dat hij ten onrechte niet gehoord was en dat de minderjarige noodgedwongen in Nederland verbleef. De moeder stelde dat de vader jarenlang mishandeling heeft gepleegd en dat de minderjarige onder erbarmelijke omstandigheden leefde in Groot-Brittannië, waarna hij naar Nederland vluchtte. De minderjarige wenst geen contact met de vader.
Het hof oordeelde dat de Nederlandse rechter bevoegd is omdat de vader heeft berust in het niet terughalen van het kind. De omstandigheden sinds 2006 zijn gewijzigd, waarbij de minderjarige sinds 2008 bij de moeder woont en psychologische zorg ontvangt. Gezien de belangen en het welzijn van het kind werd het eenhoofdig gezag aan de moeder toegewezen en de bestreden beschikking bekrachtigd.
De uitspraak benadrukt het belang van het kind, de gewijzigde omstandigheden en de berusting van de vader, waarmee de juridische situatie in overeenstemming wordt gebracht met de feitelijke situatie.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking waarbij de moeder het eenhoofdig ouderlijk gezag over de minderjarige krijgt toegewezen.