ECLI:NL:GHSGR:2010:BM5236
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.A.F. Tan-de Sonnaville
- A.E.A.M. van Waesberghe
- F. Waardenburg
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en herstelling van erfdienstbaarheden na fout bij Kadaster en Reconstructiecommissie
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of erfdienstbaarheden van weg, gevestigd in 1983, nog steeds bestaan ondanks dat zij niet zijn opgenomen in de akte van toedeling op grond van de Reconstructiewet Midden-Delfland. De appellanten vorderen een verklaring voor recht dat deze erfdienstbaarheden blijven bestaan en medewerking van geïntimeerden aan rectificatie.
De rechtbank oordeelde dat de erfdienstbaarheden vervallen zijn door het ontbreken in de akte van toedeling, een gevolg van een fout bij het Kadaster of de Reconstructiecommissie. Het hof bevestigt dat deze erfdienstbaarheden door het systeem van de reconstructie zijn komen te vervallen, maar stelt vast dat dit is veroorzaakt door een fout van overheidswege.
Het geschil spitst zich toe op de vraag of geïntimeerden gehouden zijn tot medewerking aan het herstel van de oorspronkelijke situatie. Het hof overweegt dat geïntimeerden door het verval van de erfdienstbaarheden onterecht zijn verrijkt en appellanten daardoor zijn benadeeld. Op grond van ongerechtvaardigde verrijking (art. 6:212 BW Pro) veroordeelt het hof geïntimeerden tot medewerking aan het opnieuw vestigen van de erfdienstbaarheden, met een dwangsom bij weigering.
Het hof vernietigt het bestreden eindvonnis voor zover het de afwijzing van de primaire vorderingen betreft en bekrachtigt het verder. Appellanten worden niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep tegen het tussenvonnis. Geïntimeerden worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Geïntimeerden worden veroordeeld tot medewerking aan het opnieuw vestigen van de erfdienstbaarheden en betaling van proceskosten.