ECLI:NL:GHSGR:2010:BM7707
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.S.M. Horstink
- N. Zandbergen
- N. Schaar
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken van opzettelijk handelen bij niet verstrekken gegevens UWV
In deze strafzaak stond de verdachte terecht wegens het opzettelijk niet tijdig verstrekken van gegevens aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV), in strijd met de informatieplicht uit artikel 25 van Pro de Werkloosheidswet. De verdachte zou niet hebben gemeld dat hij werkzaamheden verrichtte en inkomsten genoot uit zijn eigen bedrijf en een ander bedrijf, wat van belang was voor de vaststelling van zijn recht op uitkeringen.
De rechtbank Rotterdam had de verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 80 uur, subsidiair 40 dagen hechtenis, waarvan een deel voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar. Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in bij het gerechtshof 's-Gravenhage.
Het hof heeft het onderzoek van de rechtbank en het hoger beroep behandeld en concludeerde dat niet wettig is bewezen dat de verdachte opzettelijk heeft gehandeld, ook niet in voorwaardelijke zin. Daarom vernietigde het hof het vonnis van de rechtbank en sprak de verdachte vrij van de tenlastelegging.
Deze uitspraak benadrukt het belang van het wettig en overtuigend bewijs van opzet bij het opleggen van strafrechtelijke sancties voor het niet naleven van informatieverplichtingen onder de Werkloosheidswet.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wettig bewijs van opzettelijk niet verstrekken van gegevens aan UWV.