ECLI:NL:GHSGR:2010:BM9280
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- Mink
- Hulsebosch
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezamenlijk gezag en toewijzing gezag aan vader in belang minderjarigen
In deze zaak stond het gezag over twee minderjarige kinderen centraal. De vader was in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank die hem niet alleen met het gezag wilde belasten. Het geschil betrof de vraag of het gezamenlijk gezag gehandhaafd kon blijven, gezien de slechte communicatie tussen de ouders.
Het hof constateerde dat de communicatie tussen de ouders al geruime tijd slecht verliep, ondanks begeleiding van Jeugdzorg. Belangrijke beslissingen over de minderjarigen konden niet gezamenlijk worden genomen, wat leidde tot een onaanvaardbaar risico dat de kinderen klem zouden raken tussen de ouders. De moeder stelde dat communicatie via haar advocaat mogelijk was, maar het hof achtte dit onvoldoende voor een gezonde gezagsuitoefening.
Gezien deze omstandigheden oordeelde het hof dat het in het belang van de kinderen noodzakelijk was het gezamenlijk gezag te beëindigen en het gezag aan de vader toe te wijzen. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en het gezag aan de vader alleen toegekend. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de griffiers werden opgedragen hiervan mededeling te doen.
Uitkomst: Het gezamenlijk gezag over de minderjarigen wordt beëindigd en het gezag wordt aan de vader alleen toegekend.