ECLI:NL:GHSGR:2010:BM9593
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.L. Vierhout
- A.V. van den Berg
- A.E.A.M. van Waesberghe
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor onvoldoende waterdichte cascokelder en toewijzing schadevergoeding
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of appellant tekort is geschoten in zijn verplichting om een waterdichte cascokelder te realiseren onder de woning van geïntimeerde. De rechtbank had eerder geoordeeld dat appellant aansprakelijk is voor de schade als gevolg van een onvoldoende waterdichte aansluiting van de kelderwanden op de vloer en kende een schadevergoeding toe van €6.884.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de schade incidenteel was, pas twee jaar na oplevering ontstond en dat de oorzaak elders moest worden gezocht, onder meer op basis van een rapport van zijn deskundige Sterk. Hij stelde dat de rechtbank onvoldoende rekening had gehouden met zijn verweren en dat een nader deskundigenonderzoek had moeten plaatsvinden. Geïntimeerde betwistte deze stellingen en stelde dat de schade geleidelijk was ontstaan en dat appellant gehouden was een waterdichte kelder te leveren.
Het hof oordeelde dat het BDA-rapport, dat kort na de lekkages was opgesteld, een concrete en ondubbelzinnige oorzaak van de lekkages aanwees, namelijk een onvoldoende waterdichte aansluiting. De stellingen en het bewijsaanbod van appellant waren speculatief en onvoldoende onderbouwd. Het hof verwierp het bewijsaanbod en de stellingen over andere oorzaken en bevestigde de aansprakelijkheid van appellant.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellant in de kosten van de procedure in hoger beroep. De schadevergoeding en de aansprakelijkheid blijven daarmee ongewijzigd.
Uitkomst: Appellant is aansprakelijk voor de schade door onvoldoende waterdichte kelder en het vonnis wordt bekrachtigd met toewijzing van €6.884 schadevergoeding.