ECLI:NL:GHSGR:2010:BM9761
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- W.M.G. Visser
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag loonbelasting en boete ondanks beroep op vertrouwensbeginsel
Belanghebbende, een BV in liquidatie, werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag loonbelasting en premie volksverzekeringen over 1999-2002, een boete en heffingsrente. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank werd de aanslag en boete verminderd, maar grotendeels bevestigd.
In hoger beroep stelde belanghebbende alleen het vertrouwensbeginsel aan de orde, stellende dat zij op basis van een UWV-rapport mocht vertrouwen dat zij aan haar identificatieverplichtingen had voldaan. Het Hof oordeelde dat dit vertrouwen niet gerechtvaardigd was omdat de Belastingdienst niet gebonden is aan het UWV-onderzoek en vaststelde dat sprake was van grove schuld vanwege valse en ontbrekende identiteitsbewijzen.
De rechtbank had de boete gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn, wat het Hof onderschreef. De heffingsrente was volgens het Hof terecht opgelegd, ook al was de bezwaarprocedure lang. Het Hof verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de eerdere uitspraak.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag, boete en heffingsrente en wijst het beroep op het vertrouwensbeginsel af.