ECLI:NL:GHSGR:2010:BN1996
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- B. van Walderveen
- J.J.J. Engel
- O.C.R. Marres
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde woning ondanks bezwaar belanghebbende
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning te Graafstroom, die door de Inspecteur was vastgesteld op €634.000 per 1 januari 2007. De rechtbank Dordrecht verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende in hoger beroep ging bij het Gerechtshof 's-Gravenhage.
Het geschil betrof de juiste waarde van de woning, waarbij belanghebbende stelde dat de waarde te hoog was vastgesteld vanwege onvoldoende vergelijkbaarheid van referentieobjecten, onvoldoende rekening met de bouwkundige staat, en waardedruk door een nabijgelegen transportbedrijf en agrarisch bedrijf met schaapskudde. De Inspecteur onderbouwde de waarde met een taxatierapport en verwees naar artikel 26a van de Wet WOZ.
Het Hof oordeelde dat de waarde niet te hoog was vastgesteld. De vergelijkingsobjecten waren voldoende vergelijkbaar, de matige staat van onderhoud was adequaat meegenomen, en de waardedruk door omliggende bedrijven was onvoldoende aannemelijk gemaakt. Ook de aanwezigheid van een coniferenhaag en de agrarische activiteiten werden niet als waardedrukkend erkend. De vastgestelde waarde werd geacht binnen de wettelijke marges te vallen.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Het Hof wees daarnaast een veroordeling in proceskosten af. Belanghebbende kan nog cassatieberoep instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de WOZ-waarde van €634.000 en verklaart het hoger beroep ongegrond.