ECLI:NL:GHSGR:2010:BN2157
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- L.F. Gerretsen-Visser
- W.P.C.M. Bruinsma
- I.P.A. van Engelen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor mishandeling van echtgenote met deels voorwaardelijke gevangenisstraf
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor mishandeling van zijn toenmalige echtgenote, waarbij hij haar met gebalde vuist tegen de borstkas sloeg, wat pijn veroorzaakte. In hoger beroep werd het primair tenlastegelegde niet bewezen verklaard, maar het subsidiaire feit van opzettelijke mishandeling wel.
Medische rapportages van een huisarts en een forensisch arts bevestigden het bestaan van pijn bij het slachtoffer, ondanks het ontbreken van uitwendig letsel. De verdachte ontkende de mishandeling, maar het hof achtte het bewijs wettig en overtuigend.
Het hof hield rekening met de ernst van het feit, de relatiecontext en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder zijn bereidheid tot therapie en reclasseringstoezicht. Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 weken, waarvan 2 weken voorwaardelijk, met bijzondere voorwaarden waaronder reclasseringscontact en ambulante psychologische behandeling.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 8 weken gevangenisstraf, waarvan 2 weken voorwaardelijk, wegens mishandeling van zijn echtgenote.