ECLI:NL:GHSGR:2010:BN2781
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Pouw
- Mertens
- Veldman
- Rechtspraak.nl
Verlenging schuldsaneringsregeling ondanks tussentijdse beëindiging door rechtbank
Appellanten [X.] en [Y.] waren in een schuldsaneringsregeling geplaatst die door de rechtbank Middelburg tussentijds werd beëindigd wegens niet-nakoming van verplichtingen en het ontstaan van nieuwe schulden.
In hoger beroep betoogden appellanten dat de nieuwe schulden niet het gevolg waren van onverantwoord financieel gedrag, maar van omstandigheden zoals overspannenheid en medische kosten. Zij toonden bereidheid tot medewerking en hadden inmiddels contact met schuldhulpverlening en budgetbeheer.
Het hof nam kennis van de positieve ontwikkelingen: [X.] was deels werkzaam en volgde een opleiding met uitzicht op een fulltime baan, terwijl [Y.] zicht had op re-integratie. Ook was de schuld aan Delta niet verwijtbaar en was de schuld aan VGZ plausibel verklaard.
Het hof oordeelde dat de tussentijdse beëindiging onterecht was en verlengde de regeling met maximaal 24 maanden, waarbij appellanten verplicht werden correct en tijdig te voldoen aan hun verplichtingen. Vanaf 26 september 2011 hoefden zij slechts het wettelijk bewindvoerderssalaris af te dragen, zodat het meerdere kon worden gebruikt voor aflossing van nieuwe schulden en boedelachterstand.
De zaak werd terugverwezen naar de rechtbank voor voortzetting van de regeling onder deze voorwaarden.
Uitkomst: Het hof verlengt de schuldsaneringsregeling met maximaal 24 maanden en wijst de tussentijdse beëindiging door de rechtbank af.