ECLI:NL:GHSGR:2010:BN3136
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens te late indiening hoger beroepschrift in WOZ-zaak
Belanghebbende was eigenaar van een bedrijfsruimte en een woning in Den Haag, waarvan de WOZ-waarden voor 2008 waren vastgesteld door de gemeente. Na afwijzing van haar bezwaar door de Inspecteur en een ongegrond verklaard beroep bij de rechtbank, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het gerechtshof.
Het hof stelde vast dat het hoger beroepschrift niet tijdig was ingediend. De termijn voor het indienen van hoger beroep bedroeg zes weken vanaf de dag na bekendmaking van de uitspraak van de rechtbank. Belanghebbende stelde dat zij het beroepschrift op 25 maart 2009 had ingediend, maar het hof ontving dit pas op 1 juli 2009. Er was geen aannemelijke reden om het verzuim te rechtvaardigen, ook niet haar verblijf in Spanje in de wintermaanden.
De griffier had de zittingsuitnodiging en de uitspraak van de rechtbank aangetekend verzonden, maar deze werden niet door belanghebbende in ontvangst genomen en later per gewone post verzonden. Dit kwam voor haar risico. Daarom kon belanghebbende niet in hoger beroep worden ontvangen en werd het beroep niet inhoudelijk behandeld.
Het hof wees proceskostenveroordeling af en wees op de mogelijkheid tot cassatie binnen zes weken na verzending van het arrest. De uitspraak werd op 21 juli 2010 openbaar uitgesproken door mr. B. van Walderveen.
Uitkomst: Belanghebbende is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens niet tijdige indiening van het hoger beroepschrift.