ECLI:NL:GHSGR:2010:BN3558
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Pannekoek-Dubois
- Labohm
- Husson
- Rechtspraak.nl
Bevestiging overeenkomst kinderalimentatie ondanks beroep op dwaling en draagkracht
In deze zaak stond de door de vader aan de moeder te betalen kinderalimentatie ter discussie. De vader was van mening dat hij geen draagkracht had om de overeengekomen bijdrage van €235 per maand te betalen en dat hij bij het sluiten van het convenant onder dwaling handelde, omdat hij dacht niets te hoeven betalen.
Het hof stelde vast dat de vader onvoldoende bewijs had geleverd om zijn draagkracht te betwisten. Uit overgelegde stukken bleek dat zijn inkomen in 2009 bestond uit een bruto arbeidsinkomen en een WIA-uitkering, en dat het totaalbedrag na aftrek van lasten boven de bijstandsnorm bleef. Ook het beroep op dwaling werd verworpen, omdat het convenant en ouderschapsplan als dwingend bewijs gelden en de vader geen tegenbewijs had geleverd.
De moeder voerde verweer dat de vader niet-ontvankelijk was in hoger beroep en dat het verzoek in hoger beroep niet zelfstandig mocht worden gewijzigd. Het hof verwierp deze verweren, oordeelde dat de vader voldoende belang had en dat het wijzigen van het verzoek in hoger beroep was toegestaan.
Een nieuwe grief van de vader over zijn actuele inkomen, dat inmiddels alleen uit een WIA-uitkering zou bestaan, werd wel in aanmerking genomen maar faalde wegens gebrek aan onderbouwing. Het hof bekrachtigde daarom de bestreden beschikking en wees het verzoek van de vader af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en wijst het verzoek van de vader tot nihilstelling van de kinderalimentatie af.