ECLI:NL:GHSGR:2010:BN4732
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.C. Fasseur-van Santen
- T.H. Tanja-van den Broek
- M.Y. Bonneur
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid onderaannemer voor schade door machinist op bouwterrein
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of appellant aansprakelijk kon worden gehouden voor schade veroorzaakt door een machinist van haar onderaannemer, Willemsen-Spoor Wegenbouw B.V. (WSW). De rechtbank had reeds geoordeeld dat de machinist een fout had gemaakt die aan appellant kon worden toegerekend op grond van artikel 6:171 BW Pro. Appellant voerde in hoger beroep aan dat de schadetoebrengende werkzaamheden geen onderdeel vormden van haar opdracht aan WSW en dat er geen functioneel verband was met haar bedrijfsuitoefening.
Het hof stelde vast dat de werkzaamheden waarbij de schade ontstond, waaronder het weggeschoven van een zandlaag, plaatsvonden op het terrein waar appellant haar werkzaamheden verrichtte en dat deze zandlaag door appellant zelf was aangebracht. Ook al betrof het een vriendendienst aan een derde en was de machinist formeel buiten werktijd, toch was het verband met de bedrijfsuitoefening van appellant zodanig dat aansprakelijkheid op grond van artikel 6:171 BW Pro gerechtvaardigd was.
Het hof verwierp het verweer dat de aanwezigheid van bedrijfskenmerken van WSW op het materieel voor DZH kenbaar maakte dat appellant niet aansprakelijk was. De omstandigheden maakten het voor DZH niet kenbaar dat de machinist niet tot het bedrijf van appellant behoorde. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellant tot betaling van de schadevergoeding en de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bevestigt aansprakelijkheid van appellant voor de schade veroorzaakt door de machinist en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.