ECLI:NL:GHSGR:2010:BN6692
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Raadkamer
- Klein Breteler
- Duindam
- Van Gend
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding kosten rechtsbijstand tot datum toevoeging raadsman
Verzoeker heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 591a Sv tot vergoeding van kosten voor rechtsbijstand in zijn strafzaak. De rechtbank verklaarde verzoeker niet-ontvankelijk omdat aan de voorwaarden voor vergoeding niet was voldaan, mede omdat een toevoeging was afgegeven aan de raadsman en deze niet was ingetrokken.
In hoger beroep oordeelt het hof dat verzoeker ontvankelijk is voor de kosten die zijn gemaakt vóór 31 augustus 2007, de datum waarop aan verzoeker een raadsman is toegevoegd. Kosten gemaakt na die datum komen niet voor vergoeding in aanmerking, ook niet als deze door een andere raadsman dan de toegevoegde zijn gemaakt.
Het hof acht gronden van billijkheid aanwezig om vergoeding toe te kennen voor de kosten tot 31 augustus 2007, maar brengt een matiging aan wegens onnodige dubbele declaratie voor een bespreking met familie. Uiteindelijk wordt een bedrag van €6.000,- toegekend voor de strafzaak en €275,- voor het opstellen en indienen van het verzoekschrift.
De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd en het verzoek wordt deels toegewezen. De beslissing is genomen door het hof in raadkamer op 9 september 2010.
Uitkomst: Verzoeker ontvangt vergoeding van €6.275,- voor kosten rechtsbijstand tot 31 augustus 2007; kosten daarna worden niet vergoed.