ECLI:NL:GHSGR:2010:BN8157
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Dijk
- Labohm
- Husson
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kinderalimentatie en redelijkheid woonlasten vader
In deze zaak staat de vaststelling van de kinderalimentatie centraal die de vader aan de moeder moet betalen voor hun minderjarige kind. De vader is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank waarin hij een maandelijkse bijdrage van €213,50 moest betalen. Hij betwistte onder meer de wijze waarop zijn draagkracht werd berekend, met name de verwerking van een eenmalige pensioenuitkering en de hoogte van fiscaal aftrekbare hypotheekrente.
Het hof heeft de draagkracht van de vader opnieuw beoordeeld, rekening houdend met een fiscaal aftrekbare hypotheekrente van €6.582 per jaar en een maandelijkse netto woonlast van €116,51. Daarbij is vastgesteld dat de woonlasten van de vader de redelijke grens overschrijden, waardoor een korting van €225 wordt toegepast. Tevens is erkend dat de genoemde pensioenuitkering eenmalig was en niet tot het inkomen behoort.
Na herberekening concludeert het hof dat de vader geen draagkracht heeft om alimentatie te betalen. De moeder hoeft daarom de reeds ontvangen kinderalimentatie niet terug te betalen, mede gelet op haar financiële situatie. Verzoeken tot terugbetaling van aan de gemeente betaalde bedragen worden afgewezen omdat de gemeente geen partij is in dit geschil.
Uitkomst: Het hof vernietigt de beschikking en stelt vast dat de vader geen draagkracht heeft voor alimentatie, waardoor de moeder de ontvangen alimentatie niet hoeft terug te betalen.