ECLI:NL:GHSGR:2010:BO5157
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Th. Groeneveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting wegens wijziging bestelauto naar personenauto
Belanghebbende was houder van een Landrover Freelander die volgens de kentekenregistratie als bestelauto stond geregistreerd. Voor het belastingjaar 20 april 2008 tot 19 april 2009 betaalde hij motorrijtuigenbelasting tegen het lagere bestelautotarief. Tijdens een controle op 18 april 2009 werd vastgesteld dat de achterbank in de laadruimte was gemonteerd, waardoor het voertuig niet meer voldeed aan de wettelijke definitie van een bestelauto volgens artikel 3 van Pro de Wet MRB 1994.
De Inspecteur legde daarom een naheffingsaanslag op voor het verschil in belastingtarief en een verzuimboete van 100% van de nageheven belasting. Belanghebbende stelde bezwaar en beroep in, maar zowel de rechtbank als het gerechtshof verklaarden het beroep ongegrond. Het hof oordeelde dat belanghebbende zich had moeten vergewissen van de gevolgen van het plaatsen van de achterbank en daarmee bewust de kans liep dat het voertuig niet meer als bestelauto zou worden aangemerkt.
Het hof bevestigde dat de achterbank in de laadruimte de uitzondering op het begrip personenauto in artikel 3 Wet Pro MRB 1994 uitsluit. De opgelegde boete bleef gehandhaafd omdat het verwijt aan belanghebbende niet was veranderd. Er werden geen proceskosten aan de wederpartij toegekend. De uitspraak werd op 2 december 2010 in het openbaar gedaan en partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot cassatie.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag en de verzuimboete wegens het niet voldoen van de auto aan de bestelautodefinitie.