ECLI:NL:GHSGR:2010:BO7633
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.T. Sanders
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep motorrijtuigenbelasting en verzuimboete bij gebruik auto tijdens schorsing
Belanghebbende was houder van een personenauto waarvan het kentekenbewijs was geschorst van 10 april 2009 tot en met 28 juli 2009. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een verzuimboete op wegens gebruik van de auto tijdens de schorsingsperiode.
De rechtbank had het beroep van belanghebbende gegrond verklaard omdat de Inspecteur niet aannemelijk had gemaakt dat met de auto gebruik van de openbare weg was gemaakt. In hoger beroep stond centraal of het beroepschrift tijdig was ingediend en of de auto daadwerkelijk tijdens de schorsing op de openbare weg was gebruikt.
Het hof oordeelde dat het beroepschrift tijdig was ingediend en achtte op basis van het proces-verbaal van de politieambtenaar voldoende aannemelijk dat met de auto tijdens de schorsing gebruik van de openbare weg was gemaakt. De stelling dat de auto defect was en in een garage stond werd verworpen. Ook werd het alternatief voertuig met een vergelijkbaar kenteken niet geloofwaardig geacht.
Daarom werd de naheffingsaanslag en de verzuimboete als terecht bevestigd. De boete werd passend en noodzakelijk geacht vanuit normhandhaving. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en bevestigde de uitspraak op bezwaar.
Uitkomst: De naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en de verzuimboete worden bevestigd omdat tijdens de schorsing gebruik van de openbare weg is gemaakt.