ECLI:NL:GHSGR:2010:BP3152
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- B. van Walderveen
- J.J.J. Engel
- O.C.R. Marres
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek levensonderhoud voor in Colombia wonend stiefkind in inkomstenbelasting
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een aanslag inkomstenbelasting waarbij hij aftrek van kosten voor levensonderhoud van zijn in Colombia wonend stiefkind had gevraagd. De Inspecteur heeft deze aftrek geweigerd en de rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.
In hoger beroep heeft belanghebbende gesteld dat hij daadwerkelijk kosten heeft gemaakt voor het levensonderhoud van het kind, maar het Hof oordeelt dat hij onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat deze uitgaven zijn gedaan. Tevens is vastgesteld dat op grond van artikel 7b van de Algemene Kinderbijslagwet en artikel 6.14 van de Wet inkomstenbelasting 2001 geen recht op aftrek bestaat voor een kind dat niet in Nederland woont.
Belanghebbende voerde ook aan dat hij vertrouwen had op informatie van de Belastingdienst website, maar kon dit niet onderbouwen. Daarnaast is het geschil over de looninkomsten van het kind door de Inspecteur voldoende onderbouwd en niet door belanghebbende weerlegd. Het Hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van aftrek voor kosten van levensonderhoud van het in Colombia wonend stiefkind wordt bevestigd.