ECLI:NL:GHSGR:2010:BV0519
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Bouritius
- Van Leuven
- Linsen-Penning de Vries
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontheffing ouderlijk gezag minderjarige in pleeggezin
Het gerechtshof 's-Gravenhage behandelde het hoger beroep van de vader tegen de beschikking van de rechtbank die hem en de moeder onthef van het ouderlijk gezag over hun minderjarige kind, dat in een pleeggezin verblijft. De vader betwistte de ontheffing en voerde aan dat niet was voldaan aan de wettelijke eisen voor ontheffing en dat het belang van het kind bij het behouden van contact met de biologische ouders zwaarwegend is.
De raad voor de kinderbescherming en Jeugdzorg stelden zich op het standpunt dat de ouders ongeschikt zijn voor verzorging en opvoeding, dat terugplaatsing niet haalbaar is en dat ontheffing noodzakelijk is voor duidelijkheid over het toekomstperspectief van het kind. De moeder toonde enige openheid voor begeleiding en erkende dat het kind niet meer thuis zal wonen.
Het hof constateerde dat er gronden zijn voor ontheffing, maar achtte het moment prematuur vanwege de slechte verhouding tussen ouders en Jeugdzorg, wat de begeleiding belemmerde. Het hof besloot de behandeling aan te houden en gaf opdracht aan Jeugdzorg en ouders om hun relatie te verbeteren en de voorwaarden te scheppen om de gestelde doelen te bereiken, alvorens een definitieve beslissing te nemen.
De zaak is aangehouden tot een pro forma zitting op 27 augustus 2011, waarbij de partijen worden verzocht de ontwikkelingen te rapporteren.
Uitkomst: Hof houdt behandeling aan en draagt op tot verbetering van relatie en begeleiding alvorens definitieve beslissing over ontheffing gezag.