ECLI:NL:GHSGR:2010:BX4828
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.A. Tan-de Sonnaville
- A.V. van den Berg
- A.E.A.M. van Waesberghe
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep bodemverontreiniging na levering bedrijfspand met verzwegen bodemonderzoek
In deze civiele zaak stond centraal of verkoper (Diabaas) aansprakelijk kon worden gehouden voor bodemverontreiniging die na levering van een bedrijfspand aan het licht kwam. Koper stelde dat verkoper had moeten melden dat de gemeente Rotterdam een oriënterend bodemonderzoek had uitgevoerd waaruit bodemverontreiniging bleek.
De rechtbank had de vordering van koper afgewezen omdat verkoper niet wist of hoefde te vermoeden dat sprake was van verontreiniging die tot sanering zou leiden. Het hof bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de inlichtingenplicht van verkoper een glijdende schaal is, waarbij koper ook een onderzoeksplicht heeft. Het oriënterend bodemonderzoek was niet bekend bij verkoper ten tijde van levering en de resultaten waren nog niet bekend, zodat geen meldingsplicht bestond.
Verder oordeelde het hof dat het causaal verband ontbrak tussen de verzwegen feiten en de door koper gemaakte saneringskosten en stagnatieschade, omdat deze voortvloeiden uit latere bouwplannen en niet uit het oriënterend onderzoek. Ook de aanwezigheid van ondergrondse tanks was niet bekend bij verkoper. De vorderingen van koper werden daarom afgewezen en het vonnis van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van koper af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.