ECLI:NL:GHSGR:2011:5671

Gerechtshof 's-Gravenhage

Datum uitspraak
6 december 2011
Publicatiedatum
5 oktober 2016
Zaaknummer
200.095.685/01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vergunning comparitie en regeling procedure hoger beroep civiele zaak

In deze civiele hoger beroepszaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de rechtbank 's-Gravenhage. Het gerechtshof 's-Gravenhage heeft op 6 december 2011 een tussenarrest gewezen waarin het een comparitie van partijen gelast. Het doel van deze comparitie is het verkrijgen van nadere inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling, waarbij ook de mogelijkheid tot mediation wordt onderzocht.

Indien partijen er niet in slagen een regeling te treffen en de zaak niet wordt verwezen naar mediation, zal het hof de zaak in beginsel naar de rol verwijzen voor het indienen van een memorie van grieven. Tijdens de comparitie zullen tevens procedureafspraken worden gemaakt, waaronder afspraken over termijnen en bewijslevering.

Het arrest bepaalt dat partijen persoonlijk, vergezeld van hun raadslieden, moeten verschijnen voor de raadsheer-commissaris mr. A.H.N. Stollenwerck op een nader te bepalen datum. Tevens is bepaald dat appellant binnen twee weken een kopie van het volledige procesdossier van de eerste aanleg aan de griffie van het hof zal zenden. Verder moeten partijen uiterlijk twee weken voor de comparitie de stukken overleggen waarop zij een beroep wensen te doen. Het hof houdt iedere verdere beslissing aan.

Uitkomst: Het hof gelast een comparitie van partijen voor inlichtingen en minnelijke regeling en houdt verdere beslissing aan.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE

Sector Civiel recht
Zaaknummer : 200.095.685/01
Rolnummer rechtbank : 328404/HA ZA 09-201

arrest d.d. 6 december 2011

inzake

[appellante],

wonende te [woonplaats],
appellant,
hierna te noemen: [appellante],
advocaat: mr. N. Roodenburg te 's-Gravenhage,
tegen
1.
[geïntimeerde 1],
wonende te [woonplaats],
2.
[geïntimeerde 2],
wonende te [woonplaats],
3.
[geïntimeerde 3],
wonende te [woonplaats],
geïntimeerden,
hierna te noemen: [geïntimeerden],
advocaat: mr. M.A. Ossentjuk te Leiden.

Het geding

Bij exploot van 1 juli 2011 is [appellante] in hoger beroep gekomen van het vonnis van 8 juni 2011, door de rechtbank ’s-Gravenhage, sector civiel recht, gewezen tussen partijen. Op de rolzitting van 18 oktober 2011 is de zaak aangebracht.

Beoordeling van het hoger beroep

Het hof ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is het inwinnen van inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling. De comparitie kan ook worden benut om de mogelijkheden van mediation te bezien. Indien geen regeling tot stand komt en de zaak niet naar mediation wordt verwezen, zal de zaak in beginsel naar de rol worden verwezen voor memorie van grieven. De comparitie zal dan verder worden benut om procedureafspraken te maken, zoals afspraken over termijnen en eventuele bewijslevering.

Beslissing

Het hof:
 beveelt partijen in persoon, vergezeld van hun raadslieden, voor het verstrekken van inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling te verschijnen voor de hierbij benoemde raadsheer-commissaris mr. A.H.N. Stollenwerck in het Paleis van Justitie aan de Prins Clauslaan 60 te ’s-Gravenhage, en wel op
dinsdag 17 januari 2012 om 9.00 uur;
– bepaalt dat uitstel van deze comparitie eenmaal zal worden verleend, indien daarom, onder opgave van verhinderdata van
beide partijen, binnen twee weken na dit arrestschriftelijk wordt verzocht;
– bepaalt dat
[appellante] een kopievan het volledige procesdossier van de eerste aanleg, inclusief producties,
binnen twee weken na dit arrestnaar de griffie handel van dit hof (Postbus 20302, 2500 EH Den Haag, P2-236) zal zenden;
– bepaalt dat partijen de bescheiden waarop zij voor het overige een beroep zouden willen doen, zullen overleggen door deze
uiterlijk twee weken vóór de comparitieaan de griffie handel en aan de wederpartij te zenden;
– houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. A.N. Labohm, M.J. de Haan-Boerdijk, en A.H.N. Stollenwerck en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 december 2011 in aanwezigheid van de griffier.