ECLI:NL:GHSGR:2011:BP2330
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Raadkamer
- mr. Klein Breteler
- mrs. Van Walderveen
- Grootveld
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep vergoeding kosten rechtsbijstand na sepot strafzaak
Verzoekster vroeg vergoeding van kosten rechtsbijstand gemaakt voorafgaand aan de sepotbeslissing van de officier van justitie in een strafzaak. De rechtbank kende bijna €44.000 toe, maar de officier van justitie ging in hoger beroep.
Het hof oordeelde dat hoewel verzoekster op grond van artikel 591a Sv recht heeft op vergoeding, het gevorderde bedrag disproportioneel hoog is. Uit de stukken bleek dat slechts een beperkt deel van de uren was besteed aan direct contact met het openbaar ministerie en dat de sepotbeslissing zonder invloed van de verdediging tot stand kwam.
Daarom matigde het hof de vergoeding tot €5.002,50, gebaseerd op 10 uren tegen het gebruikelijke uurtarief. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en de matiging werd toegelicht met het oog op redelijkheid, billijkheid en de plicht van verzoekster om schade te beperken.
Uitkomst: Het hof vernietigt de eerdere beschikking en kent een gematigde vergoeding van €5.002,50 toe voor kosten rechtsbijstand.