ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ1420
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.J.J. Engel
- Th. Groeneveld
- B. van Walderveen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslag inkomstenbelasting ondanks beroep op vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel
Belanghebbende had voor het jaar 2006 een voorlopige en definitieve aanslag inkomstenbelasting ontvangen, waarbij loonheffing op een AOW-uitkering ten onrechte was verrekend. Na controle stelde de Inspecteur vast dat geen loonheffing was ingehouden en legde een navorderingsaanslag op.
Belanghebbende stelde dat zij mocht vertrouwen op de voorlopige teruggave en dat navordering in strijd was met rechtszekerheid. Tevens stelde zij dat de Inspecteur en de behandelend rechter mogelijk niet onpartijdig waren vanwege hun aanwezigheid in de zittingszaal voorafgaand aan de mondelinge behandeling.
De rechtbank oordeelde dat navordering is toegestaan zonder nieuw feit bij onjuiste verrekening van loonheffing en wees het beroep op het vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel af. Het Gerechtshof nam deze overwegingen over en verwierp het hoger beroep. Ook was er geen grond voor twijfel aan de onpartijdigheid van de rechter.
De uitspraak bevestigt dat navordering ingevolge artikel 16, tweede lid, aanhef en onderdeel a, AWR mogelijk is bij onjuiste verrekening van loonheffing zonder dat een nieuw feit vereist is. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt bij gebrek aan concrete gedragingen van de Inspecteur die vertrouwen rechtvaardigen. Het rechtszekerheidsbeginsel is in deze context uitgesloten als toetssteen.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag bevestigd.