ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ6753
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- B. van Walderveen
- Th. Groeneveld
- J.J.J. Engel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over aftrek rentelast als bedrijfslast in inkomstenbelasting 2006
Belanghebbende had voor het jaar 2006 een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen ontvangen met een belastbaar inkomen uit werk en woning van €11.943. Hij voerde in zijn aangifte een bedrag van €12.513 aan als aftrekbare rentelast, voortkomend uit leningen voor een project in Suriname. De rechtbank oordeelde dat de activiteiten van belanghebbende geen bron van inkomen vormden, omdat redelijkerwijs geen positief resultaat te verwachten was. Hierdoor kon de rentelast niet als bedrijfslast in aftrek worden gebracht.
Belanghebbende stelde dat hij op grond van het vertrouwensbeginsel mocht rekenen op aftrek van rente, omdat dit in het verleden was toegestaan. Het hof verwierp dit beroep, omdat de Inspecteur dit ontkende en belanghebbende geen bewijs leverde. Ook stelde belanghebbende dat de Inspecteur de aangifte over 1998 opnieuw moest beoordelen, maar het hof onthield zich van een opdracht daartoe omdat ambtshalve bevoegdheden van de Inspecteur niet ter beoordeling van de rechter staan.
De mondelinge behandeling vond plaats op 13 april 2011, waarbij beide partijen verschenen. Het hof bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd aan de Inspecteur. De uitspraak werd op 25 mei 2011 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 2006 wordt bevestigd zonder aftrek van de gestelde rentelast.