ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ8920
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Dusamos
- Husson
- Van Veen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling draagkracht vader voor kinderalimentatie inclusief vermogen uit smartengeldvergoeding
In deze zaak staat de hoogte van de door de vader aan de moeder te betalen kinderalimentatie ter discussie. De vader betwist de draagkracht die aan hem wordt toegerekend, met name omdat een deel van zijn vermogen bestaat uit een smartengeldvergoeding die volgens hem verknocht is en niet voor alimentatie kan worden aangesproken.
Het hof stelt vast dat het netto gezinsinkomen ten tijde van het huwelijk als uitgangspunt geldt voor de behoefte van de minderjarige en dat de behoefte op €162 per maand wordt vastgesteld. De vader heeft een vermogen in box 3 van circa €96.683, waarvan €78.000 uit smartengeld bestaat. Het hof oordeelt dat de onderhoudsverplichting van de vader voorrang heeft boven de verknochtheid van dit vermogen en dat hij uit het rendement op zijn vermogen de alimentatie kan voldoen.
De door de vader opgevoerde persoonlijke kosten worden niet in aanmerking genomen omdat deze binnen de bijstandsnorm vallen. De ingangsdatum van de alimentatie wordt vastgesteld op 8 oktober 2009, de datum van het verzoek van de moeder. Het verzoek van de vader om aanhouding van de zaak wordt afgewezen, met het oog op de mogelijkheid tot herziening bij gewijzigde draagkracht.
Het hof bekrachtigt de bestreden beschikking en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en bevestigt dat de vader voldoende draagkracht heeft om kinderalimentatie te betalen vanaf 8 oktober 2009.