ECLI:NL:GHSGR:2011:BR2844
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van Nievelt
- Husson
- van Dijk
- Rechtspraak.nl
Betaling na beëindiging relatie en de vraag tot terugvordering van het betaalde bedrag
Partijen hadden een affectieve relatie die in januari 2007 definitief werd beëindigd door de man. De vrouw vroeg de man per e-mail om een symbolische betaling van €10.000 wegens het door hem veroorzaakte leed tijdens de relatie. De man betaalde daarop €15.000, meer dan het gevraagde bedrag, en gaf later aan dat hij de betaling ondoordacht had gedaan en verzocht om terugbetaling.
De rechtbank had de man in eerste aanleg gelijk gegeven en de vrouw veroordeeld tot terugbetaling. In hoger beroep stelde de vrouw dat door haar verzoek en de daaropvolgende betaling een rechtsgeldige overeenkomst tot stand was gekomen, waarbij de man de natuurlijke verbintenis had voldaan en daarmee zijn schadeclaim had opgegeven.
Het hof oordeelde dat de man door de betaling de stelling van de vrouw dat hij haar schade had berokkend, onderschreef en dat er geen grond was voor terugvordering. De eerdere uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en de vordering van de man werd afgewezen. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vordering van de man tot terugbetaling van €15.000 wordt afgewezen.