ECLI:NL:GHSGR:2011:BR2851
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- van Nievelt
- van Dijk
- van de Poll
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake dwangsom en executoriale beslagen in familierechtelijke relatie
In deze zaak staat centraal of geïntimeerde heeft voldaan aan een eerdere veroordeling in kort geding en of daardoor dwangsommen zijn verbeurd. De voorzieningenrechter had het beslag van appellante op registergoederen opgeheven en haar verboden nadere executiemaatregelen te treffen vanwege vermeende niet-verbeurde dwangsommen. Appellante stelt dat geïntimeerde niet volledig heeft voldaan aan de veroordeling, wat blijkt uit ontbrekende bescheiden en een onvolledig Rosenthal-servies.
Het hof stelt vast dat geïntimeerde slechts gedeeltelijk heeft voldaan aan de veroordeling, zoals blijkt uit een pakbon en correspondentie van de advocaat van appellante. Hierdoor zijn dwangsommen verbeurd en is het beslag niet onrechtmatig. Het hof oordeelt dat er geen rechtsgrond is voor een verbod op nadere executiemaatregelen. De vordering van appellante tot overlegging van diverse financiële en taxatiedocumenten wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwd belang.
Ten slotte vernietigt het hof het bestreden vonnis, wijst de vorderingen van geïntimeerde af en compenseert de proceskosten, zodat partijen ieder hun eigen kosten dragen. Het arrest is uitgesproken op 1 februari 2011 door drie rechters van het Gerechtshof 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het hof vernietigt het bestreden vonnis, oordeelt dat dwangsommen zijn verbeurd en dat het executoriaal beslag niet onrechtmatig is, wijst de vorderingen van geïntimeerde af en compenseert de proceskosten.