ECLI:NL:GHSGR:2011:BR3874
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.J. Kamminga
- M. De Haan-Boerdijk
- J. Stollenwerck
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over alimentatieverplichting na 21-jarige leeftijd en draagkrachtberekening
In deze zaak is het hoger beroep behandeld tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam inzake de bijdrage in levensonderhoud en studie van twee jongmeerderjarige kinderen. De man betwistte de hoogte van de alimentatie en stelde dat deze aanzienlijk lager moest worden vastgesteld, terwijl de verweerders incidenteel appel instelden om de draagkracht van de man hoger vast te stellen.
Het hof heeft vastgesteld dat de alimentatieplicht van de vader jegens de kinderen eindigt bij het bereiken van de 21-jarige leeftijd, tenzij de kinderen behoeftig zijn en dit voldoende is onderbouwd. De verweerders hebben dit niet gespecificeerd, waardoor het hof het verzoek na deze leeftijd afwijst. Voor de periode tot 21 jaar is de behoefte van de kinderen vastgesteld aan de hand van de Tremanormen en de Wet studiefinanciering.
De draagkracht van de man is berekend op basis van het gemiddelde bedrijfsresultaat over meerdere jaren, waarbij correcties en betwistingen zijn meegewogen. De draagkracht van de vrouw is eveneens betrokken bij de verdeling van de onderhoudsverplichting. Het hof heeft de alimentatiebedragen per kind en per periode nauwkeurig vastgesteld en de proceskostencompensatie bepaald zonder de man te veroordelen in de kosten.
Uitkomst: Het hof stelt de alimentatieverplichting vast voor de jongmeerderjarigen tot hun 21e en wijst het verzoek na 21 jaar af wegens onvoldoende onderbouwing van behoeftigheid.