ECLI:NL:GHSGR:2011:BR3911
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Mink
- Van de Poll
- Zwagemaker
- Rechtspraak.nl
Verdeling hypotheek- en eigenaarslasten na echtscheiding bij gezamenlijke woning
Na de echtscheiding van partijen is de vraag gerezen wie de lasten van de gezamenlijke woning moet dragen. De rechtbank had bepaald dat de man, die in de woning bleef wonen, alle hypotheek- en eigenaarslasten voor zijn rekening moest nemen. De man stelde dat deze verdeling onredelijk was gezien zijn financiële situatie en dat de lasten gelijkelijk verdeeld moesten worden.
In hoger beroep oordeelt het hof dat de woning gezamenlijk eigendom is en dat de lasten in beginsel door beide partijen gedragen dienen te worden. Hoewel de man het woongenot van de woning heeft, is dit niet doorslaggevend omdat hij heeft verklaard dat hij in de woning bleef om de verkoop te bevorderen en de vrouw ook in de woning mag verblijven.
Het hof stelt vast dat de man de lasten tot 11 mei 2010 uit belastingteruggaven heeft voldaan, maar daarna niet meer. Gezien zijn inkomen, dat thans uit een bijstandsuitkering bestaat, acht het hof het redelijk en billijk dat de lasten vanaf die datum door beide partijen gelijkelijk worden gedragen. De eerdere beschikking wordt daarom vernietigd voor zover deze de lasten volledig aan de man toewijst en vervangen door deze nieuwe regeling.
Uitkomst: De hypotheek- en eigenaarslasten van de woning worden vanaf 11 mei 2010 gelijkelijk door beide partijen gedragen.