ECLI:NL:GHSGR:2011:BT2475
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.L.J. van Strien
- M.C.R. Derkx
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onrechtmatige staandehouding en bewijsuitsluiting bij drugsvervoer
De verdachte werd ten laste gelegd dat zij op 9 maart 2010 in Dordrecht en/of Rotterdam heroïne en cocaïne vervoerde of bij zich had. De politie hield haar staande op een parkeerterrein na het volgen van een Franse auto waarvan bekend was dat mensen uit Frankrijk naar Rotterdam rijden voor drugs.
Het hof oordeelde dat de staandehouding onrechtmatig was omdat de verdenking onvoldoende concreet was om te voldoen aan het vereiste van een redelijk vermoeden van schuld. Daarnaast was de controlebevoegdheid op grond van de Wegenverkeerswet misbruikt (détournement de pouvoir), omdat deze niet werd ingezet voor het beoogde doel van verkeerscontrole.
Door deze normschending en vormverzuim moest het verkregen bewijsmateriaal worden uitgesloten. Na bewijsuitsluiting was onvoldoende bewijs over om de tenlastelegging te staven, waardoor het hof de verdachte vrijsprak. De advocaat-generaal had het vonnis bevestigd willen zien, maar het hof volgde de verdediging.
De uitspraak benadrukt het belang van een rechtmatige opsporing en het vereiste van een concreet redelijk vermoeden van schuld voor het toepassen van staandehouding en bewijsvergaring.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onrechtmatige staandehouding en bewijsuitsluiting.