ECLI:NL:GHSGR:2011:BT2502
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- D.J.C. van den Broek
- C.G.M. van Rijnberk
- Chr.A. Baardman
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijk gebruik van een valse Nederlandse verblijfsvergunning
De verdachte maakte zich schuldig aan het opzettelijk gebruik van een valse Nederlandse verblijfsvergunning op 2 december 2009 in Rotterdam. Hij toonde deze vervalste verblijfsvergunning ter legitimatie bij het Turkse consulaat om een nieuw Turks paspoort aan te vragen. Het document vertoonde diverse kenmerken van valsheid, zoals afwijkende druktechnieken, onjuiste UV-reacties en ontbrekende beveiligingskenmerken.
In eerste aanleg werd de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 2 maanden, met aftrek van voorarrest. Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, maar sprak hem vrij van hetgeen meer of anders was ten laste gelegd.
Het hof nam in de strafmotivering mee dat het vertrouwen in de echtheid van officiële documenten ernstig werd beschaamd en dat de verdachte eerder onherroepelijk was veroordeeld voor strafbare feiten, wat hem niet weerhield van het plegen van dit feit. Het hof veroordeelde de verdachte opnieuw tot een gevangenisstraf van 2 maanden, met aftrek van voorarrest.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 2 maanden gevangenisstraf wegens opzettelijk gebruik van een valse Nederlandse verblijfsvergunning.