ECLI:NL:GHSGR:2011:BT2705
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.L.J. van Strien
- M.C.R. Derkx
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onrechtmatige staandehouding bij overtreding Opiumwet
De verdachte werd beschuldigd van het vervoeren en aanwezig hebben van heroïne en cocaïne. Tijdens een controle op naleving van de Wegenverkeerswet werd de verdachte staande gehouden, maar het hof oordeelde dat deze controlebevoegdheid werd gebruikt voor een ander doel dan waarvoor deze was verleend, namelijk het opsporen van drugs.
Hierdoor was sprake van détournement de pouvoir en was de staandehouding onrechtmatig volgens artikel 52 van Pro het Wetboek van Strafvordering. Dit vormde een vormverzuim als bedoeld in artikel 359a Sv, waardoor het verkregen bewijsmateriaal moest worden uitgesloten.
Na uitsluiting van het bewijs was onvoldoende wettig en overtuigend bewijs aanwezig om de tenlastelegging te ondersteunen. Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak de verdachte vrij van het tenlastegelegde.
De uitspraak benadrukt het belang van correcte toepassing van opsporingsbevoegdheden en het respecteren van privacy bij staandehoudingen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onrechtmatige staandehouding en onvoldoende bewijs.