ECLI:NL:GHSGR:2011:BT8520
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Kamminga
- Mink
- Pijls-olde Scheper
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vaststelling partneralimentatie en echtelijke woning na echtscheiding
In deze zaak stond de vaststelling van de partneralimentatie na echtscheiding centraal. De man was in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank waarin alimentatie was vastgesteld. Hij stelde onder meer dat hij geen alimentatie verschuldigd was en dat reeds betaalde bedragen onverschuldigd waren. De vrouw verzocht in incidenteel appel om een hogere alimentatie.
Het hof ging uit van de vastgestelde feiten uit eerste aanleg en beoordeelde de draagkracht en behoefte van partijen. De vrouw had een bruto inkomen van circa €2.303 per maand en kon haar arbeidsuren recentelijk uitbreiden van 22 naar 28 uur per week, maar verdere uitbreiding was niet mogelijk. De man had een bruto jaarinkomen van ongeveer €77.848 inclusief spaarloon en hield rekening met diverse lasten en fiscale voordelen.
Het hof onderscheidde twee perioden: voor en na overdracht van de echtelijke woning. Voor de overdracht werd de alimentatie vastgesteld op €974 per maand, en na overdracht op €1.768 per maand. Het hof wees het verzoek van de man af om de alimentatie geheel te beëindigen en oordeelde dat de vrouw nog steeds behoefte had aan een aanvullende uitkering. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof stelde de partneralimentatie vast op €974 per maand tot overdracht van de woning en €1.768 daarna, en vernietigde de eerdere beschikking voor zover het de alimentatie betrof.