ECLI:NL:GHSGR:2011:BU2505
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Pannekoek-Dubois
- Van Leuven
- Bos
- Rechtspraak.nl
Beëindiging machtiging tot uithuisplaatsing minderjarige bij vader
In deze zaak stond de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige centraal. De vader, die het eenhoofdig gezag heeft, was tegen de verlenging en verzocht het hof de machtiging te beëindigen. De minderjarige verbleef bij een pleeggezin onder toezicht van Jeugdzorg.
Het hof oordeelde dat Jeugdzorg onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de uithuisplaatsing nog noodzakelijk was voor de verzorging, opvoeding of het onderzoek naar de geestelijke of lichamelijke gesteldheid van de minderjarige. De psychische problemen van de moeder en de mogelijke spanningen die daaruit voortvloeien, rechtvaardigen volgens het hof niet dat de minderjarige niet bij de vader mag wonen.
Het hof nam mee dat de vader geen zorgen over zijn opvoedkundige capaciteiten heeft en dat de minderjarige een positieve periode van vier weken bij hem had doorgebracht. Ook is er een ondertoezichtstelling waardoor Jeugdzorg kan ingrijpen indien nodig. De machtiging tot uithuisplaatsing werd daarom per 17 augustus 2011 beëindigd.
De overige grieven en bewijsaanbod van de vader behoefden geen bespreking meer. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd voor zover het de verlenging van de machtiging betrof en de machtiging werd beëindigd. Het hof wees het meer of anders verzochte af.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige wordt per 17 augustus 2011 beëindigd.